Het klimaatakkoord van Parijs veranderde in 2015 de manier waarop landen samen naar het klimaat kijken. Voor het eerst in de geschiedenis spraken bijna alle landen ter wereld af om de opwarming van de aarde samen aan te pakken. Niet één land, niet één continent, maar 195 landen zetten hun handtekening. Dat klinkt hoopvol, maar wat betekent zo’n akkoord eigenlijk in de praktijk? En hoe ver zijn we nu?
Wat er in Parijs werd afgesproken
In december 2015 kwamen wereldleiders samen in Parijs voor een grote klimaattop. Daar sloten ze een internationale overeenkomst met één duidelijk doel: de opwarming van de aarde beperken tot maximaal 2 graden Celsius ten opzichte van het niveau van voor de industriële revolutie. Liefst zelfs tot 1,5 graden. Die grens van 1,5 graad is belangrijk, omdat wetenschappers zeggen dat de gevolgen van klimaatverandering daarboven snel erger worden. Denk aan meer overstromingen, langere droogtes en het uitsterven van dieren en planten. Om die grens te halen, moeten landen de uitstoot van broeikasgassen zoals CO2 sterk verminderen. Elk land stelt daarvoor eigen plannen op, die ze regelmatig bijstellen en aanscherpen.
Hoe de Europese Unie uitvoering geeft aan de afspraken
De Europese Unie is een van de grootste spelers in de strijd tegen klimaatverandering. Om de doelen van de Parijse afspraken te halen, heeft de EU haar eigen langetermijndoelen wettelijk vastgelegd. Het bekendste plan is de Europese Green Deal, waarbij de EU in 2050 klimaatneutraal wil zijn. Dat betekent dat de uitstoot van broeikasgassen gelijk is aan de hoeveelheid die de natuur opneemt. Als tussenstap wil de EU de uitstoot in 2030 met minstens 55 procent verminderen ten opzichte van 1990. Om dit te bereiken investeert Europa in duurzame energie zoals zonne- en windenergie, strengere regels voor auto’s en fabrieken, en betere isolatie van gebouwen. Deze aanpak raakt bedrijven, maar ook gewone mensen die thuis hun energieverbruik zien veranderen.
Wat Nederland doet om zijn bijdrage te leveren
Nederland werkt samen met andere EU-landen en ook met landen buiten Europa om klimaatverandering tegen te gaan. Dat gebeurt onder andere via afspraken over hoeveel broeikasgassen landen mogen uitstoten. In eigen land heeft de Nederlandse overheid het Nationaal Klimaatplan opgesteld. Daarin staat hoe Nederland de CO2-uitstoot wil verlagen in sectoren zoals energie, transport, landbouw en industrie. Een concreet voorbeeld is de afbouw van aardgas voor verwarming van huizen en de overstap naar warmtepompen of stadsverwarming. Tegelijk steunt Nederland armere landen die zelf weinig aan de klimaatverandering hebben bijgedragen, maar er wel veel last van hebben. Die samenwerking en financiële steun zijn een vast onderdeel van de internationale klimaatafspraken.
Hoe het er nu voor staat met de klimaatdoelen
De wereld is de goede kant op aan het gaan, maar het gaat nog niet snel genoeg. Wetenschappers van het IPCC, een internationale groep klimaatonderzoekers, waarschuwen dat de huidige plannen van landen samen niet genoeg zijn om onder de 1,5 graden te blijven. De uitstoot van broeikasgassen wereldwijd is nog steeds hoog, mede door de groei van economieën in Azië en Afrika. Toch zijn er ook positieve signalen. De productie van duurzame energie groeit snel, elektrische auto’s worden steeds gewoner en steeds meer bedrijven stellen klimaatdoelen in. Elk jaar komen landen opnieuw bij elkaar tijdens een klimaatconferentie, de zogenoemde COP, om de voortgang te bespreken en nieuwe afspraken te maken. Die gesprekken zijn soms moeizaam, maar ze houden het onderwerp op de politieke agenda.
Veelgestelde vragen
Waarom is de grens van 1,5 graad zo belangrijk?
De grens van 1,5 graad opwarming is belangrijk omdat klimaatwetenschappers hebben vastgesteld dat de gevolgen van klimaatverandering boven die grens veel ernstiger worden. Bij meer dan 1,5 graad stijgt de zeespiegel sneller, zijn er vaker extreme weersomstandigheden en verdwijnen meer diersoorten. Elke tiende graad minder opwarming maakt een merkbaar verschil voor mens en natuur.
Wat gebeurt er als landen zich niet aan de afspraken houden?
Als landen zich niet aan de klimaatafspraken houden, zijn er geen harde straffen zoals boetes of sancties vanuit het akkoord zelf. De overeenkomst werkt vooral op basis van transparantie en politieke druk. Landen moeten hun voortgang rapporteren en die informatie is openbaar. Andere landen, burgers en organisaties kunnen die informatie gebruiken om een land aan te spreken op zijn beloftes.
Wat is het verschil tussen klimaatneutraal en CO2-neutraal?
Klimaatneutraal betekent dat alle soorten broeikasgassen samen geen netto bijdrage leveren aan de opwarming van de aarde. CO2-neutraal gaat alleen over koolstofdioxide. Omdat er meer broeikasgassen zijn, zoals methaan en lachgas, is klimaatneutraal een bredere en strengere doelstelling dan alleen CO2-neutraal zijn.
Doet elk land evenveel moeite om de klimaatdoelen te halen?
Nee, de inspanningen verschillen sterk per land. Rijke landen met een lange industriële geschiedenis zijn verantwoordelijk voor het grootste deel van de historische uitstoot. Zij hebben dan ook de plicht om meer te doen en armere landen financieel te helpen bij de overstap naar schone energie. Hoe eerlijk die verdeling is, is een terugkerend punt van discussie tijdens internationale klimaatconferenties.


